Na een 40-34 overwinning op Roemenië en een 29-29 gelijkspel met Noord-Macedonië versloeg het Portugese team het Scandinavische team, dat vandaag de dag als het beste ter wereld wordt beschouwd, in een wedstrijd waarin ze met 12-11 voorstonden bij rust.

De ploeg gecoacht door Paulo Pereira won zo de groep met vijf punten, tegenover vier voor de Denen, die al gekwalificeerd waren. Macedonië (derde, met drie punten) en Roemenië (vierde, met nul) werden uitgeschakeld.

In de hoofdronde, die de beste twee ploegen uit elke groep kwalificeert voor de halve finales, speelt Portugal in Groep I en begint met twee punten, net als Frankrijk en Duitsland, terwijl Denemarken met nul punten begint, net als Spanje en Noorwegen.